
In 1997 bedacht het CPNB een speciale prijs voor Fiep, die nog nooit een Gouden of Zilveren Penseel had gewonnen. Het werd een slechts eenmaal uit te reiken prijs: het Oeuvre Penseel. In het juryrapport voor deze prijs stond geschreven dat het ‘buitengewoon merkwaardig is dat Annie altijd met prijzen overladen is, en Fiep nog nooit eerder bekroond werd.’ Zelf zat Fiep daar nooit mee: "Prijzen geven maar gedonder en van zo’n prijsuitreiking word ik alleen maar doodnerveus." Toch aanvaardde ze het Oeuvre Penseel wel. In de Volkskrant zei ze hierover: "Ik wil in pricipe geen prijzen. Ik houd niet van competitie – Pietje krijgt geen prijs, Jantje juist weer wel [...]. Dit Oeuvre Penseel is andere koek. Er ging geen competitie aan vooraf, er is geen concurrentie."
Ter gelegenheid van de uitreiking van het Oeuvre Penseel aan Fiep gaf het CPNB aan negentien winnaars van het Gouden Penseel van de afgelopen jaren de opdracht voor Fiep een eigen illustratie te maken van Pluk van de Petteflet. Zo werd volgens het juryrapport 'een uniek tekentalent geëerd dat al decennia lang haar eigenzinnige en springlevende stempel drukt op het beeld van het Nederlandse kinderboek'.
Fieps laatste illustraties
Voor Misschien wel echt gebeurd, de verzamelbundel van sprookjes van Annie M.G. Schmidt, die na haar dood (1995) verscheen, maakte Fiep de illustraties voor het omslag. Voor de voorkant tekende ze een heksje dat vliegt op haar bezemsteel, over de daken van de huizen. Voor de achterkant tekende ze een grote reus. Dit zou haar allerlaatste illustratie zijn.







